x

optimale ervaring

Als u optimaal van onze website wilt genieten, raden we u aan uw browser bij te werken naar de meest recente versie.
chrome mf ie
Inloggen

DIABETESVERPLEEGKUNDIGE KRIJGT WAARSCHUWING NA STOPPEN DIABETESMEDICATIE ZONDER VERVOLGSTAPPEN

Een diabetesverpleegkundige heeft van het tuchtcollege een waarschuwing gekregen omdat hij na het stoppen van orale diabetesmedicatie geen alternatieve medicatie had aangeboden en geen controlemoment had uitgevoerd. De verpleegkundige werd door de zoon van de vrouw van 83 voor de tuchtrechter gedaagd.

Deze zoon heeft een klacht ingediend nadat zijn moeder ernstig ontregeld raakte door het staken van de orale diabetesmedicatie zonder vervolgcontrole van de bloedglucosewaarden en zonder het starten van een alternatief voor de orale diabetesmedicatie.

Volgen protocol verkeerde beslissing
De thuiswonende vrouw van 83 jaar, gebruikte orale diabetesmedicatie. Daarnaast was ze bekend met

Deze zoon heeft een klacht ingediend nadat zijn moeder ernstig ontregeld raakte door het staken van de orale diabetesmedicatie zonder vervolgcontrole van de bloedglucosewaarden en zonder het starten van een alternatief voor de orale diabetesmedicatie.

Volgen protocol verkeerde beslissing
De thuiswonende vrouw van 83 jaar, gebruikte orale diabetesmedicatie. Daarnaast was ze bekend met spraakstoornissen na het doormaken van een CVA. Nadat bij routineonderzoek dreigend nierfalen werd geconstateerd, heeft de diabetesverpleegkundige na contact met de huisarts, de orale diabetesmedicatie per direct gestaakt. Dit gebeurde op een vrijdag. Op dat moment zou bekeken moeten worden welke andere diabetesmedicatie zoals insuline nodig is. De verpleegkundige is niet gestart met insuline, omdat het protocol aangeeft dat starten met insuline niet gewenst is vlak voor het weekend. Met als gevolg dat patiënt geen andere medicatie heeft gekregen na het stoppen van de orale diabetesmedicatie. Ook heeft er geen glucosecontrole plaatsgevonden.

Omdat de verpleegkundige vervolgens enkele dagen vrij had, heeft hij zich niet gerealiseerd dat, door het volgen van het protocol ‘geen insuline starten voor het weekend’ de patiënt de dagen daarna geen diabetesmedicatie zou krijgen. Pas zes dagen later is een eerste bloedglucosewaarde gemeten door verpleegkundige, deze was 30 mmol/l. Na nog eens drie dagen toen de bloedglucosemeter alleen nog maar ‘HI’ (= onmeetbaar hoog met betreffende bloedglucosemeter) aan kon geven, is door een collega van verpleegkundige gestart met insuline. Ondanks correctie met snelwerkende insuline en vochtinname belandde patiënt op de SEH en heeft aansluitend een week in het ziekenhuis gelegen.

Zoon heeft twee klachten:

  1. 1. Niet de zorg heeft verleend die verwacht had mogen worden door medicatie te stoppen zonder alternatief te bieden en zonder controlemoment voor bloedglucosespiegel.
  2. 2. Geen inzicht heeft getoond in eigen handelen door oorzaken van hetgeen gebeurd is buiten eigen fouten te zoeken.

Het tuchtcollege geeft voor de eerste klacht een waarschuwing
De klacht is gegrond bevonden en zou, gezien de mogelijk levensbedreigende situatie die had kunnen ontstaan, de maatregel van een berisping rechtvaardigen. Echter de verpleegkundige heeft de zoon ruimte geboden zijn ongenoegen te uiten, de verpleegkundige heeft excuses aangeboden en (uiteindelijk) inzicht in eigen handelen getoond. De verpleegkundige is reeds zwaar gestraft doordat hij op non-actief is gesteld en mogelijk zijn baan zal verliezen. Dit in overweging nemende volstaat het college met een waarschuwing.

Het tuchtcollege vindt de tweede klacht ongegrond: verpleegkundige heeft ‘voldoende inzicht in eigen handelen’ getoond.

De zoon verwachtte van de verpleegkundige dat hij direct zou erkennen dat hij tekort was geschoten. De verpleegkundige heeft ter zitting aangegeven dat hetgeen is gebeurd hem erg heeft aangegrepen. De verpleegkundige heeft geprobeerd na het voorval in gesprek met de zoon uitleg te geven en zijn excuses aan te bieden, maar is tijdens het gesprek dichtgeklapt en heeft zich ziek gemeld. Dat dit gesprek niet goed is verlopen wordt door de verpleegkundige erkend maar is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. De verpleegkundige mag een korte tijd gegund worden om te reflecteren op eigen handelen en overleg te voeren met collega’s en/of werkgever. Er mag wel verwacht worden dat hij voldoende pogingen zou ondernemen het gesprek op een ander moment voort te zetten. Dat heeft hij gedaan, dit gesprek is echter door de zoon afgezegd en daarna heeft de verpleegkundige van zijn werkgever een spreekverbod gekregen.

reflectie, leerpunten en tips

Algemeen
Het Tuchtcollege beoordeelt de klacht op basis van de professionele verpleegkundige standaard.

In de WGBO is vastgelegd dat een hulpverlener de zorg moet verlenen van een goed hulpverlener en dat hij zijn professionele standaard in acht moet nemen. De professionele standaard bevat alle regels en normen waar een hulpverlener in zijn werk rekening mee moet houden. De professionele standaard is geen vastomlijnde set van regels, maar algemeen aanvaarde uitgangspunten van zorgverlening.

Het tuchtcollege voor verpleegkundigen zal altijd de klacht beoordelen op basis van de beschreven en bekende richtlijnen, zorgstandaarden, beroepsinhoudelijke afspraken, wetten en andere documenten. Het tuchtcollege heeft onder andere de volgende overwegingen gemaakt en rekening mee gehouden voor de zwaarte van de straf:

1. Protocol gevolgd zonder aandacht voor gevolgen
Volgens protocol mag niet vlak voor het weekend gestart worden met insuline. Daar heeft de verpleegkundige zich ook aan gehouden. Echter in deze situatie had de verpleegkundige van het protocol moeten afwijken. De verpleegkundige had voor een alternatief voor de medicatie moeten zorgen en voor controle van de bloedglucosespiegel. De verpleegkundige had ook er voldoende bewust van moeten zijn dat het niet toedienen van medicijnen voor een langere duur gezondheidsrisico’s met zich mee kon brengen. Hij had het protocol niet als leidend mogen aannemen maar zich er van moeten vergewissen of in dit geval het niet starten van de medicatie voor het weekend wel verantwoord was. Door dit alles na te laten handelde de verpleegkundige in strijd met de zorg die van hem mocht worden verwacht.

2. Voorschrijfbevoegdheid diabeteszorgverleners
Sinds 2014 hebben diabeteszorgverleners, onder voorwaarden, bijvoorbeeld het met succes de cursus ‘farmacotherapie’ hebben afgerond, voorschrijfbevoegdheid voor diabetesmedicatie. Zie hiervoor ook de regeling voorschrijfbevoegdheid verpleegkundigen. De ruimte die hierbij geldt is protocollair vastgelegd en verschilt per zorgsetting.

Als een verpleegkundige zelf medicatie voorschrijft of medicatie stopt (zoals in deze casus), dient dit te gebeuren volgens de regels en wetgeving en met voldoende kennis van de consequenties, werking, bijwerkingen enzovoorts. Hier geldt dat van de verpleegkundige verondersteld mocht worden dat hij voldoende kennis heeft van bloedglucose-regulerende medicatie en de gevolgen van het staken van deze medicatie. Hierin is hem nalatigheid verweten door de medicatie te stoppen en niet te vervangen door iets anders.

3. Toenadering zoeken met gedupeerden wordt hoog gewaardeerd
Het werd hoog gewaardeerd dat de verpleegkundige heeft laten zien dat hij pogingen heeft ondernomen om toenadering te zoeken tot de zoon. Het heeft in deze zaak het verschil gemaakt tussen berisping en waarschuwing.

4. Fouten erkennen; een mildere beoordeling
Interessant is om te zien welk effect zelfreflectie in deze casus heeft gehad. Tuchtrecht is bedoeld om de kwaliteit van zorg te verbeteren. De verpleegkundige heeft de eigen fouten ingezien en erkend. En laten zien welke maatregelen hij zal treffen om dit in de toekomst te voorkomen. Het college heeft daarom milder geoordeeld. Er hangt daarom ook veel af van de houding van verweerder tijdens de zitting.